Bonaire PlantengidsDe planten van Bonaire
De planten van BonairePlantenportret 103

Malvaceae

Ayenia magnaEen kruidachtige struik met hartvormige bladvoeten en kleine, zachtstekelige vruchtjes.

Ayenia magna L.[1]

Tussen het droge struikgewas van Bonaire groeit Ayenia magna: een plant van één tot twee meter met behaarde takken en bescheiden groenachtige bloemen. De vruchten vallen meer op. Het zijn kleine doosvruchten met zachte stekeltjes, die bij rijping in vijf delen uiteengaan.

Leer de plant kennen
Bladeren en kleine bloemen langs de takken van Ayenia magna.
Bladeren en kleine bloemen langs de takken van Ayenia magna.
PAPIAMENTUAyenia magnaGeen plaatselijke volksnaam bevestigd.
NEDERLANDSAyenia magnaWetenschappelijke naam gebruikt.
ENGELSAyenia magnaGeen afzonderlijke Engelse naam bevestigd.
WETENSCHAPPELIJKAyenia magnaGeaccepteerde naam; Ayenia cardiopetala is een synoniem.

Een vaste Papiamentse, Nederlandse of Engelse volksnaam is in het geraadpleegde eilandregister niet bevestigd. De wetenschappelijke naam wordt daarom gebruikt. Ayenia cardiopetala Sessé ex DC. is een gecontroleerd synoniem. De oudere eilandflora behandelt de plant onder Sterculiaceae; tegenwoordig hoort zij bij Malvaceae.[1][2]

01

Van wortel tot zaad

Behaarde takken en stekelige vruchtjes.

De eilandflora beschrijft een eenjarig of kortlevend, meerjarig kruid met een struikachtige groei.[3]

01Wortels & standplaats

De soort groeit in droog struikgewas, vooral op kalkgrond. De historische Bonaireaanse collecties verbinden haar met rooien en kalkplateaus.[3]

02Stengels

Ongeveer één tot twee meter hoog. Jonge takken, bladstelen en bloemstelen zijn duidelijk behaard.[3]

03Bladeren

Eirond met een spitse top en hartvormige voet, ongeveer 2,5–10 cm lang. De rand is gekarteld of getand; ook de bladeren dragen haren.[3]

04Bloemen

Kleine groepjes van twee of drie bloemen in de bladoksels. De kroonblaadjes zijn wit-geel-groenachtig en hebben een dunne steelachtige basis.[3]

05Vruchten

Afgeplatte, ronde doosvruchten van ongeveer 6–7 mm lang en 10 mm breed, bedekt met zachte stekeltjes van ongeveer 1–1,5 mm.[3]

06Zaden

Donkerbruine, gerimpelde zaden van ongeveer 4 mm. De doosvrucht splitst in vijf delen, elk met één zaad.[3]

Zachtstekelige doosvruchten van dichtbij.
Zachtstekelige doosvruchten van dichtbij.

De groene bolletjes op de detailfoto zijn doosvruchten, geen bessen. Herken de soort aan de combinatie van hartvormige bladvoeten, behaarde takken en zachtstekelige vruchten.

02

Bonaire & de Antillen

Bij Dos Pos, Rincon en Montagne.

Arnoldo verzamelde bloeiende en vruchtdragende planten in Rooi Sangoe bij Dos Pos. Boldingh deed dat bij Rincon en op het kalkplateau van Montagne. Alle drie de vermelde collecties werden in februari gemaakt.[3]

Een plant met kleine bewoners.

Oud onderzoek op Curaçao registreerde de netwants Corythucha championi op Ayenia magna. Zo laat de plant niet alleen een botanisch verhaal zien: haar bladeren vormen ook een leef- en voedselplek voor insecten.[3][5]

Plant & omgeving

Een plaats in de inheemse kwekerij.

CARMABI noemt Ayenia magna bij de struiken en kruiden van haar kwekerij op Curaçao. De kwekerij stimuleert het gebruik van inheemse planten in tuinen en het landschap. Daardoor krijgt een weinig opvallende wilde plant ook een rol in de keuze van tuinbeplanting.[4]

03

Gebruik door de tijd

Van veldcollectie tot kwekerij.

Oude planten- en insectencollecties laten zien hoe deze bescheiden struik deel uitmaakt van het Antilliaanse landschap.

Curaçao · Wishi1957Drake & Cobben · onderzoek naar netwantsen

Een vondst op het blad.

Op 11 februari 1957 vonden onderzoekers Corythucha championi op Ayenia magna bij Wishi in Willemstad. Hun publicatie beschreef de wants als een nieuwe soort. Die kleine bladbewoner verbindt de plant met de geschiedenis van natuuronderzoek op de eilanden.[5]

Botanische naamgeving

Twee namen voor dezelfde soort.

Linnaeus publiceerde Ayenia magna in 1759. De naam Ayenia cardiopetala volgde in 1824. Kew behandelt die tweede naam tegenwoordig als synoniem, zodat oude vermeldingen bij dezelfde soort kunnen worden teruggevonden.[1]

Curaçao

Van mondi naar tuin.

In de soortenlijst van CARMABI’s kwekerij staat Ayenia magna naast andere inheemse struiken en kruiden. Zulke opkweek maakt lokale planten beschikbaar voor beplanting die bij het droge eilandlandschap past.[4]

04

Plant & dagelijks leven

Tuinen, natuur en gebruik.

Lokaal gebruik

Inheemse beplanting.

De Curaçaose kwekerij van CARMABI neemt deze soort op in haar aanbod van inheemse struiken en kruiden.[4]

Voedsel & gezondheid

Medicinale vermeldingen buiten de eilanden.

Kew registreert medicinaal gebruik van de soort, zonder op deze soortpagina een concrete bereiding of werking te beschrijven. Een geregistreerde medicinale toepassing op Bonaire is ons niet bekend. De geraadpleegde eilandflora beschrijft geen gebruik als voedsel.[1][3]

05

Bronnen & verantwoording.

Botaniek, geschiedenis en beeldrechten

Bronnen voor namen, herkenning, plaatselijk gebruik en geschiedenis. Foto’s, makers en licenties staan hieronder.

  1. 01
    Kew — Ayenia magna, names, family and distribution ↗

    Namen, herkenning, eilandcollecties en gedocumenteerd gebruik.

  2. 02
    Dutch Caribbean Species Register — Ayenia magna and images ↗

    Namen, herkenning, eilandcollecties en gedocumenteerd gebruik.

  3. 03
    Ina J. Langhout — Sterculiaceae, pp.187–188 ↗

    Namen, herkenning, eilandcollecties en gedocumenteerd gebruik.

  4. 04
    CARMABI — native plant nursery on Curaçao ↗

    Namen, herkenning, eilandcollecties en gedocumenteerd gebruik.

  5. 05
    Drake & Cobben (1960) — Tingidae, p.93 ↗

    Namen, herkenning, eilandcollecties en gedocumenteerd gebruik.

Foto’s, makers & licenties

Twee verschillende kleurenfoto’s van Carel de Haseth, gemaakt in Roi Salgá op Curaçao op 1 januari 2015.

De oorspronkelijke licentie blijft van toepassing op de betreffende foto; zij geldt niet automatisch voor de volledige website.

Bijgewerkt: 4 oktober 2026