01Wortels
De kiemplant heeft slechts een tijdelijk worteltje. Na contact met een gastheer neemt de plant voeding op via zuigorganen aan de stengel.[3][4]
Bonaire PlantengidsDe planten van BonaireConvolvulaceae
Cuscuta campestris Yunck.[1]
Veldwarkruid vormt een netwerk van gele tot oranje stengels over andere planten. Zuigorganen dringen de gastheer binnen en halen er water en voedingsstoffen uit. De plant heeft nauwelijks zichtbaar blad, maar wel kleine witte bloemen en echte zaaddragende doosvruchten.
Leer de plant kennenVeldwarkruid en Field dodder zijn Nederlandse en Engelse namen. Het eilandregister deelt Hilu di diabel en Aletria di mondi met andere soorten. Kew accepteert Cuscuta campestris; synoniemen zijn Grammica campestris, Cuscuta kamelorum en enkele oudere variëteitsnamen onder C. arvensis en C. pentagona. C. pentagona zelf is geen synoniem.[1][2]
Van wortel tot zaad
Zes onderdelen helpen bij de herkenning.[3][4]
De kiemplant heeft slechts een tijdelijk worteltje. Na contact met een gastheer neemt de plant voeding op via zuigorganen aan de stengel.[3][4]
Glad, draadvormig en geelgroen tot oranje; doorgaans minder dan 1 mm dik.[3][4]
Sterk gereduceerd tot kleine schubjes; het groene blad tussen de draden behoort meestal tot de gastheer.[3][4]
Kleine witte bloemen, ongeveer 2–3 mm, meestal met vijf brede kroonlobben, in compacte groepjes.[3][4]
Afgeplat bolvormige droge doosvruchten, ongeveer 3 mm breed, met verdroogde bloemkroon bij de basis.[3][4]
Eén tot vier per doosvrucht, rond tot eivormig, ongeveer 1–1,5 mm, met harde zaadhuid.[3][4]
Bonaire & de Antillen
De soort staat in de checklist van Washington Slagbaai. Die registratie onderscheidt haar van Cuscuta americana en Cuscuta boldinghii, hoewel volksnamen elkaar overlappen.[2]
Plant & omgeving
Hilu di diabel beschrijft het uiterlijk van een netwerk draden. Verhalen over liefde, thee of andere toepassingen die alleen aan Cuscuta americana gekoppeld zijn, zijn daarmee nog niet voor deze soort bewezen.[2]
Gebruik door de tijd
Documenten, collecties en beschreven toepassingen.
Yuncker publiceerde Cuscuta campestris in 1932. Kew behandelt de naam als behouden botanische naam. Oudere aanduidingen met pentagona en arvensis verklaren waarom historische beschrijvingen zorgvuldig moeten worden uitgelegd.[1]
Plant & dagelijks leven
Onderzoek
Cuscuta campestris wordt gebruikt om zuigorganen, uitwisseling van stoffen en gastheerreacties te onderzoeken.[7]
Landbouw
Officiële Australische voorlichting noemt besmet zaad, voer, modder en plantenresten als verspreidingsroutes. Aangetast materiaal verplaatsen kan een nieuw groeipunt opleveren.[5]
Traditioneel
Kew registreert medicinaal gebruik. Een betrouwbare Bonaireaanse bereiding en veilige dosis voor deze soort zijn niet bevestigd.[1]
Bronnen voor namen, herkenning, plaatselijk gebruik en geschiedenis. Foto’s, makers en licenties staan hieronder.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Verschillende beelden van de plant en haar herkenningsdetails.
De oorspronkelijke licentie blijft van toepassing op de betreffende foto; zij geldt niet automatisch voor de volledige website.
Bijgewerkt: 16 oktober 2026.