01Wortels
Een in de grond wortelend kruid tot halfstruik; de bestudeerde regionale bronnen geven geen soortspecifieke lokale worteldiepte.[3][4]
Bonaire PlantengidsDe planten van BonaireAsteraceae
Isocarpha oppositifolia (L.) Cass.[1]
Magdalena di Seru Pretu draagt kleine witte hoofdjes aan dunne vertakte stengels. Elk hoofdje bestaat uit veel kleine buisbloemen, zonder de lange witte lintbloemen van een margriet. De smalle bladeren staan overwegend tegenover elkaar.
Leer de plant kennenIsocarpha oppositifolia is geaccepteerd; Calea oppositifolia L. is het basionym. Kew onderscheidt ook variëteiten. Een aparte Nederlandse volksnaam is niet bevestigd.[1][2]
Van wortel tot zaad
Zes onderdelen helpen bij de herkenning.[3][4]
Een in de grond wortelend kruid tot halfstruik; de bestudeerde regionale bronnen geven geen soortspecifieke lokale worteldiepte.[3][4]
Oudere delen verhouten en kunnen liggen; jonge takken stijgen op en zijn behaard.[3][4]
Meestal tegenoverstaand, smal omgekeerd lancetvormig, met drie duidelijke hoofdnerven en fijne klieren.[3][4]
Kleine witte buisbloemen dicht bijeen in hoofdjes, met schutblaadjes eromheen.[3][4]
Donkere hoekige nootvruchtjes, in de Caymanflora ongeveer 2 mm lang en vijfkantig.[3][4]
Elk nootvruchtje bevat één zaad; een opvallend pluiskroontje ontbreekt.[3][4]
Bonaire & de Antillen
De parkchecklist vermeldt Isocarpha oppositifolia. Naturalis registreert Magdalena en Magdalena di Seru Pretu. De gekozen foto’s zijn van een bevestigde waarneming bij Kralendijk, Bonaire.[2]
Een soort van droge struikvegetatie. De Leon Levy Native Plant Preserve in de Bahama’s beschrijft groei op kalksteen en verstoorde terreinen, waaronder verlaten akkers. Dat biedt een regionale vergelijking voor de steenachtige groeiplaatsen op de ABC-eilanden.[3]
Plant & omgeving
De eilandnaam Magdalena wordt voor meer planten gebruikt. Daarom zijn de wetenschappelijke naam en de tegenoverstaande bladeren belangrijker dan alleen de volksnaam. Pearl head is een gedocumenteerde Engelse naam uit de Bahama’s.[2]
Gebruik door de tijd
Documenten, collecties en beschreven toepassingen.
Linnaeus beschreef Calea oppositifolia in 1763; Cassini publiceerde de combinatie Isocarpha oppositifolia in 1822. Oppositifolia verwijst naar tegenoverstaande bladeren, die nog steeds bij de herkenning helpen.[1]
Plant & dagelijks leven
Natuur
De witte hoofdjes maken de plant tussen andere struiken herkenbaar. Ze bestaan uit veel afzonderlijke bloemen, geen enkelvoudige bloempjes met grote kroonbladen.[3]
Gebruik
Medicinaal gebruik is geregistreerd, maar concrete Bonaireaanse bereidingen, voedseltoepassing, ambacht of historische export naar Nederland zijn niet onafhankelijk bevestigd.[4]
Bronnen voor namen, herkenning, plaatselijk gebruik en geschiedenis. Foto’s, makers en licenties staan hieronder.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Namen, verspreiding en plantkenmerken.
Verschillende beelden van de plant en haar herkenningsdetails.
De oorspronkelijke licentie blijft van toepassing op de betreffende foto; zij geldt niet automatisch voor de volledige website.
Bijgewerkt: 17 oktober 2026.