01Wortels
Fijne, vezelige wortels houden de basis van de pol vast. Een vaste worteldiepte op Bonaire is niet gedocumenteerd.[3][5]
Bonaire PlantengidsDe planten van BonairePoaceae
Setaria utowanaea (Scribn.) Pilg.[1]
Een smal gras met verspreide bloeitakjes en lange borstels. De flora citeert Arnoldo 355 van Seroe Largoe/Montagne en Boldingh 7272 en 7070 bij Rincon. De foto’s tonen twee verschillende Bonairese verzamelingen.
Leer de plant kennenWaar een betrouwbare Papiamentse of Nederlandse soortnaam ontbreekt, staat de wetenschappelijke naam. De Engelse naam is een gedocumenteerde benaming; oude wetenschappelijke namen staan bij de synoniemen.[1][4]
Van wortel tot zaad
Een smal gras met verspreide bloeitakjes en lange borstels.[3]
Fijne, vezelige wortels houden de basis van de pol vast. Een vaste worteldiepte op Bonaire is niet gedocumenteerd.[3][5]
De overblijvende halmen groeien in pollen, zijn 20–60 cm hoog en staan schuin omhoog of uitgespreid.[3]
Lijnvormige bladen zijn 8–20 cm lang en 1–3 mm breed, vlak met een gevouwen basis en daar enige beharing.[3]
De smalle pluim is 3–10 cm lang. Soms staan ook kleine bloeiwijzen in bladoksels. Aartjes zijn ongeveer 2 mm lang, met een borstel van één tot twee keer die lengte.[3]
De droge graanvrucht zit in een verhard, heel fijn gerimpeld vruchtbaar kafje met een kort snaveltje.[3]
Iedere graanvrucht bevat één zaad; zaadhuid en vruchtwand zijn nauw verbonden. Een zichtbaar aartje bevat ook kafjes en bloemresten.[3]
Bonaire & de Antillen
De flora citeert Arnoldo 355 van Seroe Largoe/Montagne en Boldingh 7272 en 7070 bij Rincon. De foto’s tonen twee verschillende Bonairese verzamelingen.[3][4][5]
Open grond op lage hoogte is de regionale standplaats. De langere borstels en grotere aartjes helpen bij vergelijking met Setaria distantiflora.[3]
Gebruik door de tijd
Verzamelaars, oude namen en aantoonbare toepassingen.
Plant & dagelijks leven
Bloeiwijze
Het aantal, de vorm en de rangschikking van aartjes zijn belangrijk om de soort te herkennen.[3]
Hele plant
Caribbean bristlegrass is een geregistreerde Engelse naam. De soort hoort niet bij de gebruiksgeschiedenis van alle andere Setaria-grassen tegelijk. Voedselbereiding, medicinale traditie en uitvoer zijn lokaal niet voldoende bevestigd.[4][6]
Collectiemateriaal
Bewaarde planten laten historische namen en vindplaatsen opnieuw onderzoeken.[5]
Bronnen voor namen, herkenning, plaatselijk gebruik en geschiedenis. Foto’s, makers en licenties staan hieronder.
Kew, Plants of the World Online — Setaria utowanaea
GBIF Backbone Taxonomy — Setaria utowanaea
Lindeman & Stoffers (1963), Gramineae — Flora of the Netherlands Antilles
STINAPA, Washington Slagbaai Management Plan 2022–2028, Appendix B
GBIF — documented specimen or observation 2517546084
Kew — Setaria utowanaea, descriptions
GBIF — second specimen or observation 2515641424
Setaria utowanaea, herbariummateriaal uit Seroe Largoe, Bonaire; kleurenopname van U.1527420. Setaria utowanaea, herbariummateriaal uit Rincon, Bonaire; kleurenopname van U.1527424.
De oorspronkelijke licentie blijft van toepassing op de betreffende foto; zij geldt niet automatisch voor de volledige website.
Bijgewerkt: 25 oktober 2026.